In zeer korte tijd live gaan met je product, veel waarde toevoegen voor je klant en ook nog eens minimale effort, dat wil toch iedereen? Het zal voor jou ook geen geheim zijn dat we het hier hebben over een MVP, een Minimum Viable Product. Een experimenteel product dat ‘goed genoeg’ is, dat op minimale wijze voldoet aan de requirements van je klant en dat direct een schot in de roos is.

De grote kracht van een Minimum Viable Product is de snelheid waarmee je iets tastbaars voor je klant realiseert. Precies dát maakt een MVP zo aantrekkelijk voor iedere IT’er. Dat beaamt ook Serge Smit, Pega System Architect bij BPM Company. “Wanneer jij weet wat het exacte probleem van je klant is, ben je in staat om dat in zeer korte tijd met een MVP op te lossen. Die snelle time-to-market maakt altijd grote indruk op een klant. En geeft mij als maker ook erg veel voldoening. Het is heel gaaf om iets snel en naar tevredenheid te kunnen realiseren. Win-win dus.”

Dan blijft de vraag: hoe realiseer je nu een zo goed mogelijke MVP? Gebruik daarvoor de volgende 3 tips.

1. Creëer de juiste verwachtingen

Een pitfall van de buitencategorie is verwachtingsmanagement. Jij weet wat een MVP is, maar weet je klant ook dat een MVP geen oplossing is die kant-en-klaar en spic en span is? Als de verwachting van je klant te hoog ligt, ligt teleurstelling op de loer. Zorg er dus voor dat je je klant vooraf goed duidelijk maakt wat een MVP precies inhoudt en wat hij van je kan verwachten. Een misverstand dat hiermee te maken heeft, is dat een MVP hetzelfde is als een prototype of proof-of-concept. Veel klanten denken dat. Creëer hier dus ook de juiste verwachtingen: vertel dat een MVP wezenlijk anders is dan een prototype. Ook al is een MVP ook een experimenteel product, het voldoet wel aan de eisen van de klant en kan daadwerkelijk in gebruikt worden. Vervolgens wordt het op basis van feedback van gebruikers verbeterd.

2. Test ook je MVP

Je zou het zomaar kunnen vergeten, omdat een MVP ‘slechts’ een minimumproduct is, maar test ook een MVP altijd eerst zorgvuldig voordat een klant het te zien krijgt. In de praktijk gaat dit nogal eens mis. Verplaats je dus eerst in de gebruiker, hoe zou die omgaan met bepaalde functionaliteiten? Je voorkomt hiermee dat je naar je klant gaat met een fallible in plaats van een viable product.

3. Check het applicatielandschap

We gaan wat dieper, maar minstens zo belangrijk voor een optimale MVP is of dit past in het totale applicatielandschap van je klant. Je kunt braaf iets bouwen wat voldoet aan de vraag van je klant, maar als het vervolgens niet goed past bij de overige (onderdelen van) applicaties, dan heb je alsnog een probleem. Om een wildgroei aan MVP’s te voorkomen, is het dus zaak overzicht te houden. Ga je een opzichzelfstaande oplossing bouwen of kies je de juiste aanpak: een flexibele MVP die past bij wat er nu al is aan applicaties?

Als je deze 3 tips toepast, dan kan het niet anders dan dat je een wow-effect bij je klant bewerkstelligt. Dus als je hem vooraf laat weten wat hij kan verwachten, als je met een goed geteste MVP ten tonele verschijnt én als je een MVP bouwt dat past bij andere applicaties!